De voorraad verse kabouterwoningen in de vorm van paddenstoeltjes begint nu rap af te nemen en als we volgende week de eerste grondvorst mogen beleven zijn ze zó verslijmd tot een lelijk soort gebakken champignons.
Om die reden snuffel ik aan het eind van de middag nog even in een op de route gelegen park over de kletsnatte, bemoste bosbodem om ze nog in hun attractieve staat te kunnen vastleggen.
Het worden drie intiem portretjes van soorten die ik ook maar probeer te determineren als achtereenvolgens een russula, franjehoed en een mycena. Van paddenstoelen weet je ’t eigenlijk nooit, ze verkleuren per dag en er zijn echt duizenden soorten in diverse verschijningsvormen, zodat ik er ook maar een slag naar sla..



Als ik zwam, zeg u ’t maar!
De afgelopen midweek brachten we met onze drie tijdelijk verweesde kleinzonen door in een bungalowpark in de bossen bij Leersum.

Dat brengt naast de genoegens van het dagelijks kunnen knuffelen en koesteren van wat je zo lief is, ook allerlei besognes en ‘deja-vu’s ‘ mee van meer opvoedkundige aard, waarbij je ’t weer eens aan de lijve voelt om slaapdronken aan de allerkleinste uit te moeten leggen dat het nog maar half zes in de ochtend is en já..dat die plas natuurlijk gedaan mag worden, maar néé..dat er nog géén filmpje mag worden gekeken. Verder vertolken we overdag afwisselend de rol van rugby-scheidsrechter, entertainer en conflict-mediator en poedelen elke middag urenlang rond in het overdekte golfslagbad, waar we opvallend veel lotgenoten- opa’s en oma’s treffen aan wie eveneens de tijdelijke zorg over het grut blijk te zijn overgedragen.
‘Bek-af’ wordt je er van, zeggen we samenzweerderig tegen elkaar, maar onze ogen glimmen en we tonen allemaal op een of andere manier de verzaligde grijns van het ingetogen geluk dat dit bijzondere voorrecht ons verschaft!
O ja..tussen de bedrijvigheden door vatte ik uiteraard de camera nogal eens ter hand, niet alleen om veel ‘whats-ap-fotootjes’ aan papa en mama door te zenden, maar ook om enkele aspecten van de prachtige natuur die ons daar omringde vast te leggen..
Die laatste laat ik dan hier maar even zien..





Langzamerhand is ‘t weer tijd om de vogels in de tuin te verleiden om juist op dat éne plekkie naar voer te komen zoeken, zodat ik vanuit mijn vast opgesteld tentje in het door mijzelf bedachte decor een paar leuke platen kan schieten.
Deze Ringmus en de Koolmees wisten dat gebaar op waarde te schatten en poseerden kort maar bevallig op de in herfststemming verkerende ‘catwalk’ en verklaarden met volle mond dat hiermee het seizoen was geopend!


Eindelijk, éindelijk zien wij Noorderlingen ook weer eens het licht.
Heel Nederland mocht zich gisteren al verheugen in een zonovergoten zaterdag, maar wij waren hier toch nog een dagje de sigaar vanwege hardnekkige bewolking en een nog best wel frisse wind.
Maar vandaag maakt alles goed met zomerse temperaturen en een wolkenloze hemel die ons aanzetten tot een heerlijke fietstocht in de namiddag door het Marenlandschap die ons via Westeremden, Huizinge, Kantens, Eppenhuizen en Garsthuizen weer terug leidde naar Loppersum.
Tegen zes uur in de avond sta ik weer in de tuin, nét op tijd om het strijklicht van de gouden Oktoberzon héél langzaam langs de stammen en struiken naar de grond te zien kruipen.
Fantástisch zijn de herfstkleur-effecten, wanneer de gefilterde stralen het bladerdek in vuur en vlam lijkt te zetten..
In elkaar overvloeiende oker- en groentinten, smeuïg gemêleerd met variaties van crême en beige waar het avondlicht uitbundig doorheen dartelt en flonkert..

Ik knip er maar wat op los,inkaderend, uitzoomend, alsmaar spelend met diafragma en sluitertijd..
Op paddenstoelenhoogte vind ik in het pas gekorte gras nog een late madelief, waartegen een moegewaaid blaadje even rust heeft gevonden. Het stel vráágt om een foto vind ik..

Zo, zoekend en verwonderend rondkijkend en tegelijk registrerend, verstrijkt de tijd veel sneller dan ik in de gaten heb. De schaduwen zijn langer geworden, de zon is zo meteen achter de kim verdwenen en de korte tijd voor het allermooiste fotolicht is al weer verstreken.
De avond valt, maar draagt de belofte van een gouden ochtendstond al weer in zich!

’
t Is nu echt Herfst in optima forma geworden, als we bijkomen van de naweeën van de tweede najaarsstorm van dit seizoen, waarbij felle opklaringen worden opgevolgd door dito slagregens.
Tegen vijven stap ik tijdens een droge fase nog even het pad op en struin een beetje richtingsloos wat door de berm aan de andere kant van het spoor, waarin een laatbloeiertje, zoals in dit geval een rode klaver nog even schuchter de kop durft op te steken..


Nog een poosje en we duiken de tijd in waarin we amper bloemen meer zien bloeien en geen vlinders meer zien dwarrelen ,waarbij we ons wat meer gaan richten op nieuw gearriveerde trekvogels en wintergasten.
Ook mooi !

Als ik dat alles overdenk, trek ik de jasrits alvast maar wat hogerop, want de gordijnen boven mijn hoofd worden al weer rap dicht getrokken en we bereiden ons voor op een volgende striemende bui op die toch al zo doorweekte akkers..
We verbleven dit weekend in het huis van een onze kinderen in Amersfoort. Hun huisje, dat staat in het oude centrum van deze grote stad, biedt voor ons als Provinciaaltjes een uitgelezen gelegenheid om veel te ‘oh-en te ah-en’ over de stadse gezelligheid en het gemak van winkels en terrasjes om de hoek. Maar uiteindelijk blijf ik een ‘country-boy’ en daarom bood de zondagse wandeling door de prachtige Soesterduinen voor mij een van de betere attracties.

Uiteraard ook omdat de herfstmaand is ingetreden met een rijke uitstalling van talloze decoratieve paddenstoelen, die ik tijdens zo’n wandeltocht ook graag wil fotograferen.
En da’s altijd een beetje ’n lastig compromis waarbij sprake is van een wankel evenwicht tussen wat nog sociaal aanvaardbaar is en wat echt niet meer kan.
Over het algemeen wil mijn liefste best even wachten, totdat ik dat plaatje heb gemaakt, maar na een paar minuten wil ze dóór en begrijpelijk want de wandelcadans gaat er meteen uit, wanneer ik hurkend, buigend, kaderend en in – en uitzoomend de tijd wil nemen voor die bétere compositie.
Dat betekent dat ik sprietjes en blaadjes die ik anders zorgvuldig weghaal nu maar even laat zitten en die fijnere belichtingstrapjes waar ik anders minutieus de tijd voor neem, nu toch achterwege laat.
Dat komt misschien de foto niet, maar de sfeer zeker ten goede.


En gezellig was het !
Veel mensen denken dat een lekker zonnetje een belangrijke voorwaarde is voor geslaagde natuurfotografie. Maar da’s lang niet altijd het geval en zeker niet bij macro-werk. Vaak zorgt die zon namelijk voor harde schaduwen en uitgebeten wit op de foto. Nee, daarom was ik wel content toen later vanmiddag een wolkendek overschoof. Samen met het ontbreken van wind zorgde dat voor goede omstandigheden voor een paar vlinderopnamen.
Want op Ekenstein hebben ze zowat alles plat gewalst wat er te maaien valt, maar op het buitenterrein staat gelukkig nog zo’n fijn ruig stukje waarin nog volop klavers bloeien.

Daar boven foerageren hier en daar nog wat late dagvlinders, die me nog even heerlijk op hen uit laten leven..
Het Bont Zandoogje (Pararge aegeria) is wel een van de algemeen voorkomende soorten, maar met zo’n prachtig symmetrisch getekend stippelpatroon een lust voor het oog.

Dat laatste geldt zeker óók voor een schitterend mini-vlindertje, dat ik helaas een stuk minder vaak aantref; de Kleine Vuurvlinder (Lycaena phlaeas). Daarom ben ik opgetogen om ‘m hier tegen te komen met dat typisch fel-oranje pakje en bovenal omdat me de tijd wordt gegund hen allebei tegen een rustige achtergrond vast te leggen.

Het zijn wel de laatste generaties van dit jaar en binnenkort vallen hun perkamenten vleugels voorgoed stil, is het seizoen voorbij en zal ik weer tot het vroege voorjaar moeten wachten om weer op ‘vlinderjacht’ te kunnen.
Met snelle vegen en beheerste draaitechnieken werd in de vroege avond weer een nog niet eerder publiek gemaakt Meesterwerk tentoongesteld. Nog vóór de verf droog was spatte de expressie in een sublieme vormgeving al weer van het spreekwoordelijke doek.
Een nietige stip van eenzame vogel trekt onze aandacht.
Het lijkt zich tastend een weg te zoeken door het oog van de donkerte in een uitweg naar het altijd aanwezige Licht..

Pas wanneer wij terugtreden, uitzoomen en afstand nemen door klein te worden kunnen we soms, héél soms, iets beter begrijpen hoe het eigenlijk in elkaar zit.

Maar doorgaans snappen we met al onze opgeblazen mensenkennis er maar bitter weinig van !
Praktisch de hele dag viel gestaag een buitengewoon drenzerig soort regen uit een hemel die voornamelijk kleurde in de zwemen loodgrijs en lichtzwart.
Maar tegen half acht piept opeens dan toch die zon vlák voor zijn heengaan er zowaar nog even heel fel door…

Ik grijp binnenshuis dan toch maar even naar mijn fototas omdat ik zie dat er zich een leuk plaatje aandient. Er worden wel weer een paar wenkbrauwen vragend opgetrokken, maar ze kennen me ondertussen goed genoeg om te weten dat ik me dáár niks van aantrek. Ik moet namelijk me wél even in bochten wringen en schrijlings zittend op het aanrecht plaats nemen om dat piepkleine spinnetje dat daar buiten tegen het raam rustig de nacht hangt af te wachten, eens mooi in het licht van die ondergaande zon te portretteren..

Tegen drieën wordt het eindelijk wat droger en komt zelfs de zon af en toe schuchter voor de dag. Ook ik loop maar eens even naar buiten waar ik behoedzaam de lucht in tuur.
Natuurlijk hebben we, wanneer we weer horen van het verwoestend werk van orkanen en tornado’s hier niets te klagen wat het weer betreft, maar toch wordt er al weer druk gemopperd.
En ’t is waar , het valt de laatste dagen met bákken uit de lucht en het is ook wel een abrupte overgang naar dat herfstachtige weertype waarmee we in ons kikkerland zo vertrouwd zijn.

De foto hierboven lijkt te misschien zijn genomen boven een bevallig spiegelend meer, maar in werkelijkheid is ’t een groothoekopname van een flinke plas op het fietspad achter het huis.
In de bermen bloeit nu heel weinig meer, slechts hier en daar is nog een kleurige klaver of een verdwaalde paardenbloem te zien.

Ik ga nog even op de hurken voor zo’n geel nakomertje dat door een late-zomer-zoemer zorgvuldig op de laatste restjes nectar wordt nagekeken.

Maar dan moet ik nog opschieten ook, want de lucht trekt razendsnel en dreigend dicht en nét als ik de huisdeur achter me heb dicht getrokken slaat de zoveelste hoosbui met harde tokkels ongenadig op het pannendak.
“Zo die is weer binnen”, hoor ik mijzelf hardop mompelen, maar of dat nou op die foto sloeg of op mijzelf, weet ik eigenlijk niet meer..
Om kwart over zes kraait een van de hier links en rechts wonende hanen mij wakker en meestal draai ik me dan nog eens om en ben even rap weer vertrokken omdat ik hanengekraai tot een van de meest vanzelfsprekende plattelands-buitengeluiden reken, net zo natuurlijk als vogelgefluit en windgeruis. Maar nu zie ik aan een smalle streep door het raam vallend licht dat het buiten helder is en lekker fris en windstil moet het óók zijn want in de late avond tekende zich al condens af op de tuintafel.
Dat zijn altijd prima condities voor heerlijke vroege-ochtend-opnamen en nadat ik rap in de kleren ben geschoten ben ik binnen een paar minuten de sloot over en stap nog ongewassen het grote Buiten binnen dat ons hier zo heerlijk omringt.
Bleekrood, bijna aarzelend zo het lijkt verschijnt de zon boven de donkere silhouetten van bomen, torens en oude kerken..

Doorweekt is het gras van ochtenddauw en aan het eind van elke stengel, elk grasje, ieder rietje zijn parels gesmeed, oplosbaar, breekbaar…zó vervlogen.
Bij de minste trilling of geringste aanraking vallen ze geruisloos neer en daarom kom ik op mijn tenen dichtbij aangeslopen om ze eens fijn groot af te laten tekenen tegen zo’n zonsopkomst.

In dat door nevelslierten versluierde landschap is het eigenlijk opvallend stil, vergeleken met twee maanden geleden, toen de lucht nog vol was van vinkenslag, winterkoning- geschetter en graspieper-trillers.
Nu is de sfeer meer melancholisch, wat nog eens extra wordt benadrukt door het in de verte weemoedige geroep van een vlucht traag voorbij wiekende wulpen.
Om dat prachtige, gouden ochtendlicht te kunnen vangen dat zich spiegelt in het donkere water boven het Maar moet ik een eindje richting Westeremden lopen waar het riviertje een bocht neemt.
Tot mijn vreugde drijven er een paar meerkoeten, die in zo’n sfeerplaat die je dan in gedachten hebt precies de goede beeldcomponenten kunnen vormen.
Maar dan moeten ze voor dé compositie wel naar de goede plek zwemmen en hoe ik ze ook met driftig handgebaar en stemgeluid daar naar toe probeer te dirigeren, ze peddelen geschrokken de verkeerde kant op, wég van die vreemd zwaaiende man. Luisteren? Ho maar.
Wacht! Er komt toch nog één eigenwijsje dat nét even snel naar de andere kant van het riet wil… Yes…klik-klik-klik…

Op de terugweg heb ik dat heerlijke, lage tegenlicht dat er voor zorgt dat alles spikkelt en glimmert in de bermen dat het een lust is en mijn ogen speuren dan ook onophoudelijk naar mini-bling-bling en tijdelijk verzilverde bijou’s die er nét even uitspringen..


Ach…bij het weergeven van de foto’s proef ik meteen weer de beperking van dat platte, één-dimensionale beeld.
Je mist bij het zien er van, de zachte en metalige koet-geluidjes, de teer langs je wang strijkende wind, de geur van natte graslanden..
En hoewel ook dát zijn beperking kent, denk ik er toch serieus over na om binnenkort weer eens met video aan de slag te gaan. Ik hou u op de hoogte!
Vandaag maak ik nog even dankbaar gebruik van buurman’s bijna uitgebloeide vlinderstruik, waar Koolwitjes en Kleine Vossen rond dwarrelen of het een lust is.
Ik ben al een tijdje bezig met het proberen vast te leggen van vliegende insecten en dat lukt steeds beter. Ook deze dartele schoonheid biedt me een leuke kans om de korte oversteek van bloem naar bloem te fotograferen.

Tijdens de vakantie heb ik me ook toegelegd op zulke vluchtopnamen en hier zijn een paar toonbare flyer-platen die ik tussen de vele tientallen mislukte foto’s kon wegplukken en die hier wel een plekje verdienen.



De weersomslag die al een tijdje onbarmhartig werd aangekondigd krijgt hier vanavond zijn beslag. Terwijl een onverwachte, maar felle bui mijn plannen om het gras er nog even droog af te krijgen jennerig doorkruist is de lucht al betrokken geraakt.
Nadat de eerste dikke druppels zijn gevallen is de atmosfeer opeens doordrenkt met die typische, onmiskenbare geur van pas nat geworden aarde en asfalt.
Het is maar een kleine voorbode van wat nog komen gaat en er zit iets melancholisch in die mengeling van verwaterende avondkleuren en de nog wat klam aanvoelende sfeer van zo’n laatste zomerse avond..
Dat wordt even later nog versterkt als snel opkomende wolkenpartijen de hoofdrol komen opeisen en de nu snel boven de kim wegzakkende zon van het toneel verdwijnt.


Volgens de Paulusma’s is het scenario voorlopig herschreven en stevenen we op naar een periode vol nattigheid en wisselvallig weer.
Maar dit hebben we binnen !
Op plek van het gevallen zwaluwnest waarover ik op 29 juni jl. onder de titel ‘Klein Leed’ heb verteld, bleek twee weken later opnieuw een poging te zijn ondernomen door een paartje Huiszwaluwen dat er deze keer kennelijk meer speeksel in heeft verwerkt want het bleef nu goed plakken.
Dat resulteerde weer in een kwetternest vol jongen die deze dagen op uitvliegen staan. Elke dag steekt er zo’n bolrond kopje, schril tsjilpend, uit het vlieggat. Prachtig!


Omdat ze in de nok van het balkon broeden – en dus relatief goed bereikbaar – is dit best een vrij unieke situatie die ik graag fotografisch wilde uitbuiten.
Het leek me namelijk leuk om opnamen van de aanvliegende ouders te maken, vanuit het perspectief van de jonge vogels.
Daarvoor moest ik wel wat toeren uithalen, want het nest zit op ongeveer 7 meter hoogte boven het balkon. Om daar bij te kunnen met de camera, heb ik deze met ducktape op het statief aan een houten paal bevestigd en deze stellage stapje voor stapje steeds dichter bij het nestje gebracht, zodanig dat de voerende vogels er langzaam aan konden wennen.

Tsja, ik vind zoiets leuk om te doen en neem op de koop toe dat mensen die me zo op het balkon bezig zien ernstig aan mijn verstandelijke vermogens twijfelen ..
Als alles is ingeregeld ,neem ik beneden de afstandsbediening in de hand en dán is ’t wachten en anticiperen op die razendsnel in en uit zoevende vogels. Er mislukken talloze en nog eens talloze opnamen , maar op den duur zijn er toch wel een paar bij zoals ik ze zelf voor ogen had.
En zoals de zwaluwjongen ze ook letterlijk voor hun kraalogen hadden…




Zo !
We zijn weer terug in Hollandse dreven na drie heerlijke voornamelijk zonovergoten vakantieweken in het Zuid-Franse land waarbij we deze keer naast de benenwagen óók de fietsen mee hadden gebracht en dat was best nog flink heuvels op en af buffelen, ook al zochten we vooral de fietsroutes op die als ‘facile’ stonden aangeschreven.
We trokken met ons tentje achtereenvolgens door de Morvan ( Bourgondië), de Drôme en de Haute Provence en uiteraard liet ik weer een onafzienbaar spoor van fotografische herinneringen achter waarvan ik de prive-foto’s bewaar voor het persoonlijk archief en hier een selectie van natuuropnamen laat zien die ik graag met de lezers van ‘Pronkjewailjes’ wil delen.
Het is een verzameling platen van landschappen, doorkijkjes en min of meer bijzondere soorten dieren,vlinders en vogels ( waarbij ik eindelijk opnamen van de Scharrelaar (Coracias garrulus) heb kunnen maken).
Ik toon ze hieronder zonder verder begeleidend commentaar en laat de beelden verder maar spreken ..






















O ja.. bij thuiskomst wachtte ons een onaangename verrassing omdat de pruimenboom tijdens onze aanwezigheid onverwacht ongeveer 80 kilo aan rottend ooft in de heerlijk heldere vijver heeft laten vallen en deze heeft omgetoverd in een stinkende poel waarin een flink aantal vissen het niet heeft overleefd.
Ik heb nog vakantie, maar er is al weer werk aan de winkel !

Natuurlijk waardeer ik de schoonheid van gevallen regendruppels die zich in herhalende patronen op het leerachtige blad en de zalmkleurige kelk van de inmiddels ontloken waterlelies in de vijver hebben gevormd, maar toch..


We verlangen naar warmte en stabiel zomerweer en dat valt ons nog steeds niet ten deel in ons kikkerlandje, maar wat niet is zal vast nog komen.
Wijzelf nemen er alvast een voorschot op en zakken vandaag af naar la Douce France, wat inhoudt dat het wel weer een tijdje zal duren voordat er weer een nieuw ‘Pronkjewailtje’ verschijnt.
Ik hoop weer terug te keren met een nieuwe schat aan herinneringen en natuurbeelden.
Tot dan!
Krijn
De permissie die ik aan de in de nok van ons huis broedende huiszwaluwen heb verstrekt, heeft als keerzijde dat het toch wel aardig wat op de grond gedeponeerde vogelpoep oplevert. Daar staat natuurlijk het gezellig kwetterend aan en afvliegen tegenover wanneer de ouders om beurten de jongen voeren.
Ze zijn inmiddels bijna tegen uitvliegen aan en steken hun aandoenlijk kopje alvast uit het vlieggat om er op tijd bij te zijn wanneer het eten wordt opgediend..

Op zich is het niet moeilijk om een aardig plaatje te maken van de voedseloverdracht..

maar het is echt een hele toer om die razendsnelle vogels ook nog eens in vliegende vaart te fotograferen wanneer ze hun aanvlieg-looping maken.
Maar na ettelijke mislukte pogingen, komen er toch twee door mijn persoonlijke ballotage..


Na het avondeten zie ik de kans schoon om het gras er nog even af te halen, en start ik het grommende monster weer om dat rijk met klaver en madelieven bezaaide gazon van mij te kortwieken.
Met diep respect zie ik daags na zo’n maai-partij hoe juist die onuitroeibare madeliefjes na hun onthoofding gewoon doorgaan met het opnieuw en onbevangen opsteken van hun fraaie bloemen -kransjes. Ze horen eigenlijk niet in een goed onderhouden grastapijt, maar ik vind die feestelijk spikkelende bloeiertjes best attractief staan, ook al lijkt het meer op een bloemetjeswei dan op een strak model-gazon.
Speciaal voor hen, zeg maar als ode aan de dappere, zelfs in de winter bloeiende Madelief, zet ik de machine halverwege de maaibeurt even uit en ga ik vóór ik ze allemáál executeer even voor de laatste der Mohikanen op de knieën om er een paar op hun allermooist te portretteren.
Ik hoor ’t me zelf hardop tegen hen zeggen;.. ‘straks ráts ik jullie er gewoon af hoor, maar eerst…’
Daar ben ik dan wel even een dik kwartier mee zoet en als de platen naar mijn zin zijn en ik dan wat strammig overeind kom om het vonnis daadwerkelijk uit te voeren, weigert de motor opeens halsstarrig dienst. Hoe ik ook trek, choke, benzine-check, zinloos in zijn ingewanden staar en er voor de zekerheid als gebruikelijk nog maar eens zachtjes tegen aan schop.. Hij start niet meer!

En zo wordt in een smal strookje wat hoog opgeschoten gras een aantal vege lijfjes gered, zo het lijkt door een haperende beulsmachine vol gewetensbezwaren..
Nou ja, morgen of óvermorgen maak ik het karwei wel af en gelukkig hebben we dan de foto’s nog..


Vandaag een soort vervolg op de vorige aflevering van Pronkjewailtjes over de alom aanwezige hangjongeren onder de vogels..
Ik trof naast een landweggetje bij Garreweer namelijk enkele jonge, vliegvlugge boerenzwaalfkes aan die zoals te doen gebruikelijk, steevast op een stukje draad of hekpaal neerstrijken om op die plek een muggenhapje van paps of mams te krijgen toegestopt. Da’s altijd weer een spectaculair gezicht omdat de voedseloverdracht in volle vlucht wordt uitgevoerd.
Ik had deze keer de pech dat er zich storende grashalmen tussen mij en de vogels bevonden waardoor de opnames door een vage waas werden vertroebeld. Niet echt naar mijn zin dus…

Om die reden plaats ik hieronder twee eerder genomen foto’s van een vergelijkbare situatie waarop de intieme details van zo’n bijzonder moment van het uitwisselen van insecten-snacks veel beter uitkomen..


Als je in deze tijd goed om je heen kijkt zie je hoe er her en der, pas uitgevlogen zangvogeljongen zijn te bewonderen. Wat onzeker van gedrag en onbeholpen in houding .
Bijna op eigen benen – “ láát me nou toch, pa” – maar wel nog continu voedsel vragend van hun ouders, vooral ook herkenbaar aan hun nog onbebaarde en grote naar beneden gerichte mondhoekjes waardoor ze me vaak aan pruilende tieners doen denken
Kenmerken van aandoenlijke pubers waarvan ik een paar in eigen tuin of daarbuiten aantrof..
U ziet achtereenvolgens de adolescente vorm van een Zwarte Roodstaart, Roodborst en Boerenzwaluw..



| Ineke E op En liten stuga i Sverige | |
| Harry Wildeboer op Krampvogels … | |
| Jitske op Krampvogels … | |
| Anita Jilderda op Krampvogels … | |
| H. W. Emmelkamp op Mijn hemel ! … |
| Ineke E op En liten stuga i Sverige | |
| Harry Wildeboer op Krampvogels … | |
| Jitske op Krampvogels … | |
| Anita Jilderda op Krampvogels … | |
| H. W. Emmelkamp op Mijn hemel ! … |
Reacties en opmerkingen stel ik erg op prijs!
Dat kan het gemakkelijkst via de reageer-knop onder de berichten.
Klik op 'reactie plaatsen' of - als er al gereageerd is - op de eerdere reactie
Ik vind het ook leuk wanneer je een bericht deelt via een van de 'social media' knoppen of wanneer je een 'opsteker' geeft via de 'duim'-button.
Je kunt mij ook mailen voor een vraag of opmerking.
Ga dan naar het contactformulier dat bovenaan is te vinden onder de knop 'over dit weblog'
