Op stap met Job ..

Het logeernachtje bij opa en oma bracht vannacht het relatief kleine ongemak van een rond half vijf,  kort onderbroken nachtrust voor mijn geliefde. Helaas kreeg ik vanwege een van mijn vele beperkingen – in dit geval m’n dovemansoren – daar niets van mee. Maar ter compensatie daarvan mocht ik op een voor mijn doen wel erg vroeg uur opstaan ten einde ook een deel van de verzorgingstaak voor mijn rekening te nemen. Dat bracht me dan toch maar mooi weer het voorrecht om de eerste te zijn die mag proest-happen en bijt-knuffelen in dat heerlijk ronde jongenslijfje van Job. Hem liefdevol voorzien van stukjes broodjes en ‘n flesje licht voorverwarmde melk gaat mij ook prima af, al zeg ik het zelf. Dat ik na het verschonen van zijn luier, per abuis het vieze rompertje van gisteren ook nog eens omgekeerd blijk te hebben aangetrokken doet daar niets aan af vinden wij allebei.

Als ik aanstalten maak om mijn dagelijkse ochtendronde op de laan te maken staat hij, voor ik er erg in heb, al met zijn kabouterlaarsjes in zijn handen. ‘Opa mee!’  Omdat dit nu niet meteen mijn bedoeling was, probeer ik hem op andere gedachten te brengen door ‘m met zachte hand aan de andere kant van de deur te zetten. Daar zet hij vervolgens dan zó’n keel over op dat ik mij toch maar gauw bedenk. Want zo’n windstille herfstwandeling in de natuur biedt toch ook wel een uitgelezen kans op weer eens ‘n onvergetelijk stukje ‘Opa – Kleinzoon’ quality-time. Dus wordt de buggy haastig door mij voorgereden  van waaruit hij, eenmaal plaatsgenomen en voortgeduwd, als een tevreden prinsje de omliggende landerijen aanschouwt en vriendelijk wuift naar het  sloten-reinigend grondverzetpersoneel.

–

Eén van de attracties van de kleine wandelkoets wordt gevormd door een bijzonder ‘gadget’ in de vorm van een afgesloten doorzichtig, plastic deel van de overkapping dat ook open kan worden geklapt ten einde een soort oogcontact door de duwer en de kleine voortbewogene  in stand te kunnen houden. Het beurtelings door opa doen sluiten en plotsklaps met een luidkeels ‘boe!’ weer openen, brengt hem weliswaar kraaiend in een kortdurende extase maar de aandacht verslapt al snel omdat we even uitgebreid de tijd moeten nemen om naar de in de verte weg snellende ‘tein’ te zwaaien.

We zijn helaas net te laat voor het inspirerende ‘ting-ting-ting’ op de spoorwegovergang maar dat zo typerend geluid kunnen we samen ook prima en langdurig produceren.

Sowieso vormen wij als scherp contrast  met  de inmiddels teruggekeerde serene stilte een vrij luidruchtig duo, omdat we het ‘hi-hi-hi, ha-ha-ha’ vanwege de twee ‘wonder boven wonder’ brood-smerende beren samen inmiddels goed onder de knie hebben gekregen.

Waar we vervolgens ook nog – als mannen onder elkaar – een flink poos al keuvelend de tijd doorbrengen is op het houten bruggetje over het water, waar wij met overgave een hele serie ‘piep- en kwáák’ klanken ten gehore brengen, waarbij alle voorbij vliegende scholeksters en eenden niet alleen natuurgetrouw worden nagebootst maar ook héél lang nagewezen.

De terugweg voert via het parallelweggetje langs Wiersma’s biologische boerderij waar hij met een ‘wauw! ’ diep onder de indruk blijkt te zijn geraakt van een futuristisch soort landbouwvoertuig waar opa verder ook geen chocola van kan maken.

We gaan weer op huis aan, maar niet nadat hij van mij nog even mag ruiken aan een door hem aangewezen en op bevelende toon ingevorderde ’boem’, die ik hem kort daarop meteen maar weer met kracht ontfutsel omdat hij er direct smakelijk aan gaat zitten zuigen en ik geen idee heb wat er in zo’n najaars-periode allemaal aan onzichtbare Pfas-viezigheid op zo’n bermbloempje is neergedaald.

–

Eenmaal thuis en bij de deur aangekomen vindt er nog een langdurig en uitgebreid onderzoek in de schelpenbak plaats want hij stáát er op dat er een speciaal door hem geselecteerd natuurvoorwerp naar binnen mag worden gedragen om aan oma te laten zien.

Het blijkt al met al een lastige keuze door zo’n overvloed aan al dat kalkrijk moois. Het duurt maar en het duurt maar voordat een naar mijn idee toch wel erg gehavend schelpje door de ballotage komt.

Geeft niks hoor, wat hem aangaat vloei ik in dit vertederend levensstadium nog óver van een alles overheersend soort Jobsgeduld!

Reageren? Graag ! Schrijf hier onder ...